Niveau Start · Les 3 van 15

Een praatje met de computer

Leerdoel Je leert wat een variabele is: een doosje met een naam waar je iets in bewaart.

Nodig Een Computer

Met read() wacht de computer tot jij iets typt. Wat je typt, stoppen we in een doosje dat naam heet. Met twee puntjes .. plak je stukjes tekst aan elkaar.

Typ de regels één voor één in lua:

print("Hoe heet jouw kip?")
local naam = read()
print("Tok tok! Hallo " .. naam .. "!")
Probeer zelf

Maak een tweede doosje, bijvoorbeeld kleur, en vraag welke kleur de kip heeft.

Handig om te weten